Het enige boek dat totnogtoe over de gemeente Duisburg geschreven is, dateert van 1883. Het was de toenmalige onderwijzer, tevens gemeentesecretaris, Josse Bosmans, die toen zijn Proeve eener Beschrijving der Gemeente en oude Vrijheid Duisburg liet verschijnen. Van pastoor Frans Maes bestaat ook wel het handschrift Proeve eener Beschrijving der Kerk, Gemeente en Oude Vrijheid van Duysbourg (1898), maar dat is een bijna woordelijke kopie van het hoofdstuk dat Josse Bosmans aan de kerkelijke geschiedenis van Duisburg wijdde, en het is vooral interessant voor de latere aanvullingen en de foto's die erin gekleefd zijn. Nadien is bijna alles wat verschenen is — wij denken aan enkele kleinere studies gemaakt door onderwijzers — gebaseerd op dat ene boek.
Toen wij in 1967 aan onze licentiaatsverhandeling over de toponymie van Duisburg begonnen, konden ook wij alleen maar terugvallen op de Proeve van J. Bosmans én op enkele andere studies, o.a. op Het Paro-chiewezen in Brabant, deel 16, van dr. Jan Verbesselt. Al vlug bleek dat Josse Bosmans met zijn boek enorme verdiensten mag toegeschreven worden, maar dat een en ander toch achterhaald is en dat er zelfs enkele rechtzettingen dienden te gebeuren. Sinds 25 jaar is het onze intentie geweest ooit eens een nieuw boek over Duisburg, ons geboortedorp, te laten verschijnen. Het probleem is echter dat op dit ogenblik aan een historische monografie andere eisen gesteld worden dan vroeger en dat veel, zoniet alles, best nog eens op zijn archivalische waarheid getoetst wordt. Daar komt nog bij dat de geschiedenis, zelfs van een niet zo grote gemeente als Duisburg, vele facetten vertoont, die alle specifieke lectuur en opzoekingswerk vergen en die zich niet in een paar alinea's of pagina's laten vangen.
Met het verschijnen van dit boek gaat een stukje droom in vervulling. Het is evenwel geen complete herschreven geschiedenis van Duisburg)'verre van zelfs. Er worden slechts enkele facetten belicht die evenwel ruime aandacht krijgen. Sommige zijn gebaseerd op bijdragen die reeds eerder verschenen, voornamelijk in het tijdschrift van de Heemkundige Kring Sint-Hubertus De Horen, maar ze werden wel aangevuld en aangepast aan de structuur van dit boek. Andere zijn volledig nieuw. Ondanks de historische onvolledigheid werd toch gepoogd, vooral in het hoofdstuk Duisburg in de spiegel van zijn plaatsnamen, in kort bestek een groot aantal gebouwen, feiten en wetenswaardigheden de revue te laten passeren. De straatnamen waren daartoe niet alleen een historisch-filologische spiegel, maar ook een pedagogisch raam.
De titel van het boek is niet zozeer ingegeven door het hoofdstuk over de Duisburgse wegen en straten, maar is veeleer symbolisch. Zoals vele andere gemeenten is Duisburg in de loop van de laatste decennia een nieuwe weg ingeslagen. Van 'Oude Vrijheid' (d.i. een gemeente met een zekere mate van zelfstandigheid, gesteund op een door de Brabantse hertog verleende keure) over 'de Heerlijkheid van Boutersem' (d.i. een bezit van een heer die er rechten mocht uitoefenen; Boutersem [...]

rechercher des articles similaires par catégorie
rechercher des articles similaires par thème: