livres. lus. approuvés.
Bienvenue chez Bibliomania, le spécialiste en ligne du livre de seconde main
FR  •  NL
Panier
0
Frans Masereel
Cartonné / 318 pages / édition de 1976
langue(s) : néerlandais
éditeur : Mercatorfonds
dimensions : 340 (h) x 297 (l) x 40 (ép) mm
poids : 2655 grammes
Cet ouvrage n'est
pas disponible
actuellement sur
Bibliomania
Van kunstenaars uit vroegere tijden weten wij niet veel. Na vijf eeuwen wordt nog gediscussieerd of Hubert van Eyck wel ooit geschilderd heeft. Rogier van der Weyden is voor sommigen ook de Meester van Flémalle en tal van eerbiedwaardige schilderijen prijken in de musea onder namen die er feitelijk geen zijn: de Meester van de Banderollen of van de Minnetuinen, van Frankfort of van de dood van Maria, van de Virgo inter Virgines of van de halve vrouwenfiguren, en een dozijn andere. Onbegrijpelijk is het niet. Met zijn Vite de'piu eccellenti pittori, scultori, e architettori ('Levens van de meest voortreffelijke schilders, beeldhouwers en architecten'), is Vasari de eerste biograaf van het kunstenaarsbent en de brave Carel van Mander zal dit voorbeeld volgen met zijn Schilder-Boeck.

Beiden geven wel enkele bijzonderheden ten beste maar blijven meestal aan de anecdotische kant. Nog vóór Vasari publiceerde Ascanio Condivi een levensbeschrijving van Michelangelo, wiens leerling hij was en we kennen de hartstochtelijke Benvenuto Cellini, dank zij de memoires die hij naliet. Voor de rest zijn we veelal aangewezen op fragmentarische gegevens. Het oeuvre zelf is natuurlijk een getuigenis, en zeker het belangrijkste. We mogen echter niet vergeten dat de vroeger vigerende werkmethodes niet van aard waren om het individuele karakter sterk naar voren te brengen. De kunstenaar was meestal gebonden aan opdrachten en liet zich bijstaan door helpers, zo bekwame medewerkers als leerlingen, 'teamwork', zou men vandaag zeggen. Wat is er al niet gediscussieerd om, in menig geval, aan ieder zijn deel te geven. Men hoeft maar aan Rubens te denken. Begraven onder de bestellingen, heeft hij weinig voor zijn eigen genoegen gepenseeld en het meesterstuk van Watteau is een uithangbord.

In de negentiende eeuw verandert de toestand volkomen. De tijd van de opdrachten is afgesloten en het onafhankelijk werk moet het halen op eigen krachten. De ware kunstenaar, los van opgelegde onderwerpen, drukt zich uit naar eigen zin en zal zich minder bekommeren om de opinie van de buitenwereld. Hij wil in de eerste plaats, zichzelf zijn.

Het is begrijpelijk dat hierdoor een groeiende belangstelling is ontstaan voor de persoonlijkheid van de kunstenaar. Men wil het waarom kennen van het werk en doordringen tot zijn schepper.

Vandaag lijkt het onmogelijk alleen het oeuvre te overschouwen en daarnaast de mens te veronachtzamen. De mens in zijn eenvoud of in zijn complexe problemen. De ene is een open boek, de andere een raadsel.

Frans Masereel behoort tot de eerste soort. Hij verbergt zich niet achter schermen, hij spreekt zich vrij uit. Hij verdoezelt niets van zijn gemoedstoestand noch van zijn gedachte. Het zijn de factoren die zijn werk beklemtonen. Hierbij valt op, in de eerste plaats, de invloed van het wereldgebeuren. Waar de meeste van zijn confraters zich vergenoegen hun eigen wereld uit te bouwen, gaat hij een totaal andere richting uit, geheel benomen door het leven om hem heen. Verre van een Cézanne die worstelt om drie appelen weer te geven of van een Picasso die speelt met de elementen van een gelaat om het naar zijn zin te ordenen, wil hij de gelijke zijn van de man in de straat en vertellen wat hem roert.
rechercher des articles similaires par catégorie
rechercher des articles similaires par thème: